Misbruik bij een bso: worden de regels niet genoeg gehandhaafd?

Met Robert M. had er een eind moeten komen aan seksueel misbruik in de kinderopvang. Toch is het recentelijk fout gegaan in een buitenschoolse opvang (bso) in De Bilt. Hoe is dit mogelijk geweest? Vijf vragen over kindveiligheid in de opvang.

Wat is er gebeurd in de opvang in De Bilt?
Een 27-jarige medewerker van kinderopvang-organisatie Partou heeft bekend ontucht te hebben gepleegd met twee meisjes uit hetzelfde gezin. De meisjes zouden seksuele handelingen bij de kinderbegeleider hebben moeten verrichten. De verdachte is vijf jaar werkzaam geweest bij de opvang. Het Openbaar Ministerie onderzoekt of de verdachte zich vaker heeft schuldig gemaakt aan ontucht, maar heeft hier tot nu toe geen aanwijzingen voor gevonden. 'Wij sluiten niks uit', aldus een woordvoerder van Partou, 'maar het lijkt erop dat het bij een enkel incident is gebleven.

Hoe heeft dit kunnen gebeuren?
Er waren geen aanwijzingen dat er iets mis zou zijn met de medewerker, zegt Partou. 'Hij had een kloppend VOG (Verklaring Omtrent het Gedrag, red.) en goede beoordelingen op het werk.' Bovendien was hij zeer geliefd bij ouders en kinderen. 'Er was geen reden om aan te nemen dat er iets niet pluis was.' De kind veiligheid honderd procent garanderen gaat niet, zegt ook Gjalt Jellesma van ouderbelangenvereniging BOink. 'Dit soort incidenten, hoe vreselijk ook, zijn helaas nooit uit te sluiten.'

Er zijn toch regels om dit soort tragedies te voorkomen?
Er was genoeg controle, zeggen betrokken partijen. 'In de gedragscode zijn afspraken gemaakt over de aanspreekcultuur, de collegiale toets', zegt Saskia Speelman van Brancheorganisatie Kinderopvang. 'En de VOG is ontzettend belangrijk, dat is een soort permanente screening van medewerkers. Ook hebben de meeste opvanglocaties een pedagogische waarnemer die kijkt hoe de veiligheid is geregeld.'

 Na de beruchte zedenzaak van Robert M., die 67 kinderen misbruikte en daarvoor 19 jaar cel en tbs kreeg, zijn de regels rond kinderopvang nog strenger geworden. Opvanglocaties hebben zich zowel fysiek (deuren en muren vervangen door glas, camera's opgehangen) als organisatorisch aangepast. In kinderdagverblijven, geldt voor kinderen van 0 tot 4 jaar, het vierogenprincipe. Hierbij mag een begeleider alleen werkzaamheden verrichten als die gezien of gehoord kan worden door een collega. 

Voor buitenschoolse opvang, de opvangvorm waar het misbruik vorige week plaatsvond en die bedoeld is voor basisscholieren (4-12 jaar), was dat principe niet van kracht. Voor elke opvang geldt echter wel een leidster-kindratio, die bepaalt hoeveel kinderen een begeleider maximaal onder zijn of haar hoede mag hebben.

Toch ging het mis in De Bilt. Nog maar strengere regels dan?

De regels zijn op dit moment al heel streng, zegt Partou, maar benadrukt dat zo'n beleidskeuze aan de wetgever is. 'Als er een discussie komt over nog strengere regels in de kinderopvang, is het de taak van minister Asscher en de brancheorganisatie om daarover te beslissen.' Het ministerie van Sociale Zaken introduceert volgend jaar een wet die de kwaliteit van kinderopvang moet verhogen, schrijft het in een reactie, met meer aandacht 'voor veiligheid in de praktijk'. 

De veranderingen na Robert M. hadden vooral gevolgen voor de kinderdagopvang. Nu gaat het mis in een bso. Toch zal er hier niet snel sprake zijn van het vierogenprincipe, zegt de brancheorganisatie. 'Deze kinderen zijn veel zelfstandiger bezig, die willen een beetje chillen met elkaar. Het is een heel andere situatie dan bij kinderdagopvang.' Daar hebben de jonge kinderen meer (fysieke) zorg nodig, zoals het verschonen van luiers of het naar bed brengen voor slaapjes overdag. Bij bso's wordt het risico op misbruik daarom kleiner geacht, schrijft het ministerie.

Bovendien heeft Partou zeer professioneel gehandeld, stelt hoogleraar kinderopvang Ruben Fukkink (UvA). Dat was bij Robert M. wel anders. 'Tussen die affaire en deze heel vervelende zaak zie ik een overeenkomst en honderd verschillen.'

De daders zijn altijd mannen. Minder mannen maar?
Nee, zeggen alle partijen. 'De professionele mannenbegeleiders zijn vreselijk aangedaan door dit nieuws', zegt Speelman van de brancheorganisatie. 'Er wordt weer een enorm stigma op hen geplakt.' Ze benadrukt dat het ook onwenselijk is om uitsluitend vrouwen in de opvang te hebben werken. 'Kinderen hebben het nodig zowel mannen als vrouwen om zich heen te hebben.'

 Het is echter nog de vraag of de mannen zelf werkzaam willen blijven in deze sector. Na de zaak-Robert M. is het aantal mannen in de opvang sterk gedaald, weet hoogleraar Fukkink. 'Met name in de dagopvang voor 0- tot 4-jarigen. Een deel is doorgeschoven naar de bso's, anderen hebben de sector verlaten.' Terwijl ouders juist niet zitten te wachten op zo'n 'feminisering', merkt Fukkink. 'Veel zijn nadrukkelijk op zoek naar 'normale' kinderopvang, waar ook mannen werken.'



Bron/auteur: De Volkskrant
Publicatiedatum:22 augustus 2017


Terug naar overzicht
Uw aanvraag is verstuurd.
De Validata Group B.V. (met de labels CV-OK, Vrijwilliger-OK en Wonen-OK) maakt gebruik van cookies en webstatistieken om beter inzicht te krijgen in het gebruik en de behoefte van de bezoeker. Dit doen we om deze website te kunnen blijven verbeteren voor de gebruikers. ×